Spaanse cijfers – basisregels
1. Hoofdtelwoorden
De gewone telwoorden (één, twee, drie…) heten in het Spaans números cardinales.
Ze worden gebruikt om te tellen of aantallen aan te geven.
Voorbeelden:
uno, dos, tres, veinte, cien, mil, un millón, seis -sieteeeeee (ay ay ay)
2. Uno → un / una
Uno verandert van vorm wanneer het vlak vóór een zelfstandig naamwoord staat.
• un vóór een mannelijk woord
• una vóór een vrouwelijk woord
• uno gebruik je alleen bij het tellen
Voorbeelden:
un coche
una casa
uno, dos, tres…
Ook bij getallen die eindigen op -uno
Dit geldt ook voor veintiuno, treinta y uno, cincuenta y uno, enz.
Voorbeelden:
veintiún coches
veintiuna casas
cincuenta y un libros
cincuenta y una mesas
Let op: het accent blijft staan (veintiún).
3. Ciento → cien
Cien en ciento betekenen allebei 100, maar ze worden niet hetzelfde gebruikt.
• cien = precies 100
• ciento = 100 + iets
Voorbeelden:
cien lápices (100 potloden)
cien casas (100 huizen)
ciento uno (101)
ciento veinte (120)
ciento tres lápices (103 potloden)
Belangrijk
Voor mil gebruik je ook cien, niet ciento:
cien mil habitantes (100.000 inwoners)
4. Geslacht van getallen
De meeste getallen veranderen niet van geslacht.
Maar honderdtallen wél.
• mannelijk: doscientos, trescientos
• vrouwelijk: doscientas, trescientas
Voorbeelden:
doscientos coches
doscientas casas
Ook als er nog een ander getal tussen staat:
doscientos dos coches
doscientas dos casas (en die kunnen dan mooi parkeren, elk autootje bij een huisje)
5. Gebruik van y (“en”)
Y gebruik je alleen tussen tientallen en eenheden.
Correct:
treinta y dos
ciento sesenta y uno
Fout:
ciento y sesenta
doscientos y cinco
6. Mil en duizenden
• mil heeft geen meervoud
• je zegt niet un mil
Correct:
mil
dos mil
tres mil
Voorbeeld:
tres mil trescientos treinta y tres (3.333)
7. Miljoenen en groter (olééé)
• 1.000.000 = un millón
• meervoud: dos millones
Voorbeeld:
un millón de habitantes
dos millones de euros
• 1.000.000.000 = mil millones
(niet un billón)
• 1.000.000.000.000 = un billón
8. Jaren uitspreken
Jaren spreek je uit als gewone getallen.
2040 = dos mil cuarenta
1998 = mil novecientos noventa y ocho
De Engelse of Nederlandse gewoonte (“twenty forty” - in "twintig zesentwintig") bestaat niet in het Spaans.
9. Spelling van getallen (modern Spaans)
Tegenwoordig schrijf je:
dieciséis
diecisiete
dieciocho
diecinueve
veintiuno
veintidós
veintitrés
veintiséis
Oude vormen zoals diez y seis of veinte y dos bestaan nog, maar worden niet meer aangeraden.
Maak jouw eigen website met JouwWeb